7 november 2014

Een wis erwtje





Onze Nederlandse taal kent veel woorden die een klemtoon hebben, maar wat nu als je niet weet waar die klemtoon ligt?
Dan kun je vreemde woorden krijgen als je in moet burgeren of een kind bent die de taal nog niet machtig is.
Denk aan bommelding, dat word dan bommel-ding. 
Of wissertje, dat word wis-erwtje.
Regent word règènt en beneveld klinkt dan als benen-veld.
pijp étuitje word pijpe-tuitje en benaderen word ben aderen. 
Verwerpen klinkt dan als ver-werpen als in gooien. En zo kunnen we nog wel een paar pagina's doorgaan.

Zelf heb ik ooit ook voor de grap een inburgeringscursus gedaan op internet. Nou mooi dat ik zakte als een baksteen.
Misschien komt het wel omdat de cursus is ontworpen door de Delftse universiteit wie zal het zeggen.

Met een 5,5 ben je nèt ingeburgerd en met een score van 10 ben je een super burger.

Hier zomaar een idiote vraag uit de test.

Welke traditie is in de vorige eeuw ontstaan?

A. oliebollen bakken
B: vuurwerk afsteken met oudjaar
C: De oudejaarsconference

Weten jullie het? 
Nou ik wist het niet maar heb mooi even gespiekt op internet.
Het is dus antwoord C. Dat je het maar weet als je op een feestje bent en iemand krijgt de neiging dit soort idiote vragen te stellen.

Ik ben trouwens gezakt met een 5.1. 
Maar gelukkig heb ik wel Jacques Dancona verslagen. Die kwam nl niet verder dan een 4.7. 
Toch fijn om te weten dat ik niet de domste Nederlander ben.

Ik ben trouwens wel blij dat ik in Nederland woon, want met al die veldslagen om ons heen is het hier nog redelijk te doen. Al moet je je niet in het criminele circuit begeven, dan word je zonder meer op straat geliquideerd. Maar dat heeft ook weer zo zijn voordelen. Want misschien roeit de criminaliteit zichzelf dan uit. Toch wel handig misschien?

Nederland heeft ook nadelen, maar dat is meer weer gerelateerd. En af en toe ook door de hokjesgeest. Waar ik zelf trouwens nooit aan mee wens te doen. Ik heb nl. last van claustrofobie.

Mijn enige fobie gelukkig. En dat komt omdat ik als kind op de open dag van de Montessori school door een rotjochie in een bezemkast op werd gesloten. Pas een uur later kwam Zuster Ursula me bevrijden.

Maar dat joch was misschien wel getroebleerd door al die nonnen om hem heen, wie zal het zeggen?

Dankzij hem durf ik nog steeds niet in kleine hokjes te zitten. Dus heb ik al helemaal niets met hokjes geesten.
Geesten vind ik enge wezens namelijk, en niet omdat ze me doen denken aan spoken. Want daar was ik als kind juist al gek op.

Wie kent nu niet het spookje Casper, dat was toch een super lief en grappig spookje?
En het spook van Suske en Wiske, Sus Antigoon met zijn drankfles aan zijn been geketend.
Hij was de ontdekker van het eiland Amoras, en laat ik nu gek zijn op eilanden.
Dus dat schept een band, dat snap je.

Het is niet voor niets dat ik nu op een eiland woon.
Al hoewel ik daar in eerste instantie niets van moest weten. Want dat was ik even vergeten, ik had vroeger nog een fobie. Een stormfobie. Ik zeg met opzet had, want die ben ik hier aan de kust wel kwijtgeraakt.
Maar in 1990 toen ik voor twee jaar terug in Venray was gaan wonen. waaide door een storm van windkracht 9 al onze pannen van het dak, en dat was me een geraas daar kunnen de makkers van Sinterklaas nog een puntje aan zuigen. 

Maar de eerste beste dag dat ik hier op ons prachtige eiland woonde was
het ‘s nachts windkracht 11,  
En het mooiste was dat er geen 1 dakpan van het dak waaide. Dus weg was mijn angst.

Fobieën zijn rare dingen maar wel dingen die je dus zelf te lijf kunt gaan.
Misschien moet ik Frank mijn man maar even vragen of hij me wil opsluiten in onze bezemkast zodat ik ook van mijn laatste fobie verlost word. 








1 opmerking:

  1. mooi verslag, en ja menig nl zou daarvoor zakken, en ja je woont op een prachtig en mooi eiland, gr tjad

    BeantwoordenVerwijderen